You are currently browsing the tag archive for the ‘Denemarken’ tag.

Voor mijn onderzoek naar de Nederlandse investeringen in Denemarken vanaf het midden van de achttiende eeuw probeer ik momenteel vast te stellen of er in 1765 nu wel of niet 10 miljoen gulden opgehaald werd door het Amsterdamse bankiershuis Clifford. Eén van de experts op dit gebied (Riley) meent namelijk dat het bedrag overdreven is. De gescande edities van de Leidsche Courant bieden uitkomst. De krant kan redelijk handig op tekst doorzocht worden en zo kwam ik al gauw bij een advertentie van 27 september 1769 uit. Er wordt aangekondigd dat er 125 obligaties – ‘het agtste gedeelte’ – ter aflossing geloot zullen worden. Aangezien dit soort obligaties doorgaans – en naar later bleek ook in dit geval – in bedragen van 1,000 gulden werden uitgegeven, was de rekensom snel gemaakt: 8 * 125 * 1,000 = 1 miljoen gulden. Fors minder dus… Al verder lezend bleek er echter nog een belangrijke passage te zijn: daar waar uitgelegd wordt dat het gaat om de genoemde 125 obligaties met én zonder letter. De genoemde obligaties werden namelijk ook uitgegeven in combinatie met de letters A tot en met I. In totaal maakt dat dus 10 reeksen van 1 miljoen gulden ofwel een totaal van 10 miljoen gulden. Hoe oud nieuws toch nog nieuwe informatie kan bevatten!

Christiaan van Bochove

Houten, 2 september 2009

Zweedse kronenEén van de redenen dat het ons land tijdens de Gouden Eeuw zo goed verging, was de zeer gunstige prijs van geld. Met andere woorden: geld was hier goedkoop! Tegenwoordig, sinds de invoering van de Euro, komen de meeste mensen veel minder in aanraking met ‘vreemd’ geld, zoals vóór de invoering van de Euro wel anders was. Voor mij persoonlijk betekende dit dat ik tot voor kort niet echt besefte wat het goedkoop zijn van geld nou precies inhoudt. Mijn zomervakantie heeft hier echter verandering in gebracht: tijdens mijn verblijf in Kopenhagen ben ik ook even met de trein overgestoken naar Malmö, Zweden. Aangezien we in Kopenhagen al Deense kronen gepind hadden, zagen we het niet zitten om voor één middag ook nog Zweedse kronen op te moeten nemen. Vandaar dat we onze Zweedse serveerster vroegen of we onze lunch misschien ook met Deense kronen mochten betalen. ‘Geen probleem’, was het antwoord dat we kregen. ‘Maar’, vervolgde ze, ‘ik kan jullie je wisselgeld alleen in Zweedse kronen teruggeven.’ Onervaren als wij waren met buitenlandse valuta, vonden we dit prima. ‘Wanneer de Zweden Deense kronen accepteren, dan zou dit andersom vast ook het geval zou zijn,’ zo dachten wij naïef. ’s Avonds, terug in Kopenhagen, bezochten wij een internetcafé, benieuwd geworden naar de waarde van het Zweedse geld. Dit was het moment dat ik leerde wat het concept ‘de prijs van geld’ precies inhoudt: door Zweedse kronen als wisselgeld te accepteren, waren we voor 13 euro de boot in gegaan! Aldus door schade en schande wijs geworden besef ik nu pas echt goed hoe belangrijk de voordelige prijs van geld is geweest voor onze economie tijdens de Gouden Eeuw.

Lieneke Westerink

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.